sailing-dulce.nl

Logboek 2008/1 (Lagos>Corsica)

Oversteek Menorca - Corsica (2)

Kaartje van de wind in de nacht van donderdag op vrijdag. Weinig, dus. NB voor nietzeilers, de wind waait van de vlag af.
Kaartje van de wind in de nacht van donderdag op vrijdag. Weinig, dus. NB voor nietzeilers, de wind waait van de vlag af.

Vrijdag 20-06-2008

Om half twaalf neem ik de wacht over van Ans. Ze verdwijnt naar ons grote bed in de achterhut, want de zee is rustig genoeg om er te kunnen liggen zonder heen en weer te worden gegooid. Het scheepje spoedt zich verder door de maanverlichte nacht. De maan trekt een zilveren spoor over de zee. Links, vlak naast de maanschijf, staat een grote, heldere ster. Dat moet een planeet zijn, die zó helder schijnt dat de maan het licht niet uitwist. Jupiter? Met de verrekijker zie ik een helrond schijfje, springerig en moeilijk in beeld te houden. De nacht is prachtig. Om er een beeld van te geven maak ik een foto, ondanks het feit dat mijn camera er niet voor geschikt is (zie hier) Verder gebeurt er de hele nacht niks. Nou ja, er passeren twee schepen, één keer voorlangs en éen keer, na een kleine koersaanpassing, achterlangs. Ik zet het kookwekkertje steeds op een halfuur, een beetje onder de grens: een zeeschip vaart meestal 15 knopen, dus in een halfuur legt het 7,5 mijl af, je kijkcirkel is ongeveer 10 mijl in een heldere nacht. Halverwege de nacht komt Ans bovendeks en strekt zich op de andere kuipbank uit. Even later constateert ze dat ik door het wekkertje heenslaap. Oh jé. Op de VHF kanaal 16 is een hoop ongein. Een schreeuwerige vent lalt, fluit en laat muziek horen. Een paar mensen roepen vergeefs Shut up! Bij ons zou zo iemand een flinke douw krijgen. De kustwacht laat echter niets horen. Om half vier valt de wind weg, de genua zakt in. Ik rol hem in en zet het grootzeil in de midscheeps vast. De zon komt rood op om 6.04 uur (foto hieronder)

 

P6200036 

 

Vandaag is er nog minder wind dan gisteren en het is beduidend warmer. We varen uren over de glinsterende zee. De zee heeft een prachtige helderblauwe kleur, het mooiste lichtblauw dat ik ooit zag. Ik laat opnieuw mijn gedachten de vrije loop. Op 30 mijl van Corsica is het eiland nog niet te zien. Op 25 mijl ook niet. Om 14.00 uur, op 22 mijl, zien we wazige, hoge bergen. Op 15 mijl is het eiland weer weg, we zien niets, alsof het zich probeert te verschuilen. Dit is het geheimzinnige eiland waar de held Odysseus en zijn gezellen op hun zwerftocht door de antieke Middellandse Zee de gevaarlijke reuzen ontmoetten. Op 10 mijl zien we, achter en tussen stofkleurige wolkenbanden door, schimmen van rotskapen en hoge bergen. Corsica is het meest bergachtig van alle eilanden in de Med. Als de andere eilanden die we bezochten, wisselde het voortdurend van eigenaar. Er waren veel opstanden van de inheemse bevolking, tot en met de bomaanslagen van separatisten in onze eigen tijd. Het was lang in bezit van de stadstaat Genua. Vol verwachting varen we de majestueuze Golf van Ajaccio binnen, angstvallig links van ons houden we de rotsige Isles Sanguinaires (de "bloeddorstige eilanden", je kunt je er alles bij voorstellen) Alsof ze ons komen begroeten zwemmen traag twee dolfijnen langs. Daar ligt de oude stad Ajaccio, aan het eind van de baai, met zijn oude citadelle (zie foto hier) De stad waar Napoleon Bonaparte werd geboren en die hij verder zijn hele leven links liet liggen. We strijken het grootzeil. Ik zie dat er twee leuvers stuk zijn, die moet ik dezer dagen vervangen. Goed dat ik onlangs een zak nieuwe kocht. We varen onder de citadel naar de jachthaven erachter, de Port Tino Rossi, genoemd naar de zanger uit het midden van de vorige eeuw, die ook hier werd geboren. Volgens onze pilot moeten we aanleggen bij de dieselsteiger en om een plek vragen. Maar een narrige vent snauwt "Gasole?" en "VHF 9" als we een beduiden dat we willen overnachten. Een hartelijke ontvangst! Als op de VHF ook nog alleen maar een monosyllabisch "Complet!" wordt gesnauwd, keren we om en varen naar de tweede jachthaven van Ajaccio, de Port Charles Ornano, even verderop. Daar wijst een vriendelijke jongen ons een plek, niet fraai tussen twee oude barrels van motorboten en tegen een kade met geparkeerde auto´s, maar alla, we hebben een plek. In elk geval voor twee dagen, zegt de jongen. We genieten van een glas wijn en van de maaltijd, die Ans improviseert. We gaan vroeg naar bed. Toch trots dat we zonder enig probleem de 233 mijl naar Corsica achter ons hebben. En dat we op tijd zijn voor de komst van mijn dochter Floor, die op de 29e deze maand met een veerboot uit Marseille zal komen. Terug naar boven