www.sailing-dulce.nl

Logboek 2009/2 (Çanakkale> Odessa>Kreta)

Balchik

Vanachter een wolkenbank tovert de opgaande zon een fluwelig licht over de zee
Vanachter een wolkenbank tovert de opgaande zon een fluwelig licht over de zee

Maandag 14-09-2009

Om kwart voor zes varen we af. De Border Police had ik gisteravond al afgewerkt, na oproep op de VHF verschijnt de Port Control - ik houd ze niet meer uit elkaar - na een kwartier met drie man om uit te checken. Ze geven me een cleaeranceformulier waar niemand in Bulgarije interesse in heeft. Het is net licht geworden en fris, maar niet koud. De weinige wind is West 1 - 2 en er staat een trage, oude deining, nog van gisteren en met name van eergisteren. Voorzichtig manoeuvreren we langs de ondiepte voor de haveningang. Een vlucht eenden wrikt moeizaam voorbij. Dan varen we langs de vijf mijl lange dam van de zeehaven. De opgaande zon, nog achter een wolkenbank, tovert een fluwelig licht over de zee (foto hierboven) Op de rede liggen vijf schepen geankerd. Vanaf de zeehaven komt een vieze, dikke, chemische stank. Ik voel me blij en opgelucht, eindelijk weer varen, eindelijk weer de zee op. Even na half acht steken we de brede havenmond van de zeehaven van Constanţa over. No ships, niet invaren en niet uitvarend, geen problemen dus. De wind trekt wat aan, we draaien de genua uit en winnen daarmee gelijk ruim een knoop snelheid. Over de grond lopen we zelfs 7,4 knopen, we hebben dus ook stroom mee. Helaas, na een uurtje zakt de wind helemaal terug naar Noordwest 1. De zon staat laag, in Holland zou je van een mooie nazomer spreken.

 

We varen pal naar het zuiden langs dezelfde eindeloze hotelkust als een aantal weken terug, maar omdat we Mangalia niet zullen aanlopen varen we verder van de kust. De lange trage deining wiegt het bootje heen en weer. Nu en dan passeren we een vissersbootje. De gebruikelijke peinzerij vangt weer aan. Waar gaan we later wonen? Later, als we het varen eraan geven - iets waarvan ik hoop dat het nog lang duurt, het varen dus - waarschijnlijk in Gorcum of er in de buurt. Dat hebben we al een tijd geleden tegen elkaar gezegd. Ach, het mooie stadje is ook mij vertrouwd geworden en zeg nou zelf, er zijn slechter plaatsen. Eigenlijk zitten we nog altijd met honderd draden aan Holland vast. Emotioneel, vanwege de kinderen en de kleinkinderen, de moeder van Ans en de verdere familie en de vrienden. Qua verleden, zoals in het geval van de affaire Jansen-Steur in het MST. Zakelijk, zoals met onze inkomens, onze verzekeringen, de belastingen, en wat niet meer. Op zich is het allemaal niet erg, maar ik had toch verwacht dat de afstand groter zou zijn na ruim twee jaar.

 

We passeren Mangalia. Met de kijker zoek ik de jachtsteigers met de mastjes op en de orthodoxe kerk. Daar lagen we laatst een paar dagen. De moskee kan ik niet vinden. Om elf uur gaan we over de grens, ik verwissel de gastenvlaggetjes. Om half één zijn we bij kaap Shabla. Al een paar uur lang hebben we een gast aan boord, een vogeltje dat ik probeer voor mijn lens te krijgen. Lastig want hij zit stteds net in de richting van de zon, dus in tegenlicht. Hij heeft zwarte pootjes, een brutaal spits snaveltje, een geelwit buikje en zijn rug is bruin tot koperrood. We pluizen het vogelboek na maar komen er niet uit, een tapuit of een vinkje? Tenslotte lukt een foto in tegenlicht (foto hier) Hij is iets kleiner dan onze kanarie Lord Byron (nu trouwens dramatisch in de rui) Zijn er kenners die het weten?

 

We varen langs de krijtkust van Bulgarije. De wind is Zuid 2. Omdat de kust geleidelijk naar het zuidwesten loopt, kan toch de genua er weer bij. De hemel betrekt, het lijkt of er onweer komt. Om half drie ronden we eindelijk kaap Kaliakra, de beruchte stormkaap van deze kust. Wind - laat staan storm - is er niet, wel veel vissersbootjes en een schooltje dolfijnen, bezig aan een trage jacht op prooi onder water. Na de kaap hebben we de genua vol en hoewel het nauwelijks waait, maken we snel vaart langs de hoge witte krijtrotskust. Om vijf uur meren we af aan de grote kade bij de Port Police, checken er in en vinden daarna een plekje aan de jachtsteiger. Morgen verder naar Nessebar.

 

In de avond loop ik de wal op langs de meer dan halflege restaurants en terrassen. De zomer is op is allang op zijn retour. De obers en de diensters kijken zonder inzet, wat moeten we met zo´n eenzame heer? Ik zoek een PIN-automaat voor Bulgaarse levs om de marina te betalen, omgerekend 25 euro die ik voldoe aan een dikke wachtman in het kotje bij de slagboom voor de kade. In een supermarket koop ik eerst nog twee flessen Mavrud. Dat is het druivenras waar ze hier hun beste rode wijn van maken. The older you get & the more you travel, the better you learn to detect the good wines.  Terug naar boven