sailing-dulce.nl

Logboek 2008/2 (Corsica>Malta)

Catania

Typische zwaardvis-harpoeneerboot. Wordt vanaf het kraaiennest bestuurd. Vanaf het puntje van de lange boegspriet worden slapende zwaardvissen geharpoeneerd
Typische zwaardvis-harpoeneerboot. Wordt vanaf het kraaiennest bestuurd. Vanaf het puntje van de lange boegspriet worden slapende zwaardvissen geharpoeneerd

Vrijdag 15-08-2008

De volgende dag is het rustig en zonnig als altijd, OZO Bf 1, als we uitvaren. Aan de overkant in Sicilië zien we nieuwe bosbranden. De lucht is er helemaal grijs en de grote vulkaan Etna is niet te zien. Een traditionele harpoeneerboot die op zwaardvissen jaagt, komt ons tegemoet. Het schip heeft een torenhoge mast met een kraaiennest, van waaruit de boot bestuurd wordt en met naar zwaardvissen speurt, die aan de oppervlakte liggen te slapen. Men probeert de enorm lange boegspriet boven de slapende vis te manoevreren en vanaf het puntje hem te harpoeneren (zie foto hierboven en hier) Wat een stiekeme tactiek. We komen dichter bij de Siciliaanse kust. Het fikt er behoorlijk, het is natuurlijk kurkdroog, hele hellingen branden, we zien rode vlammen hoog oplaaien. Gele blusvliegtuigjes zwermen als nijdige vliegjes door de rookwolken (zie foto hier) Door de verrekijker kunnen we volgen hoe ze grote waterwolken loslaten, exact op de plaatsen waar het het ergst brandt. Dan duiken ze terug naar zee en scheppen een nieuwe lading, vrijwel zonder snelheid te verliezen. Ook aan de Calabrese kust ontstaan nu nieuwe bosbranden. Sommige vliegtuigjes zwaaien af om daar te gaan blussen. Er blijkt een grote, nogal fatalistische routine uit. De brand aan onze kant neemt af en dat maakt dat we de vulkaan de Etna weer kunnen zien. Er komt een grijze rookpluim uit (zie foto hier) De Etna is met zijn ruim 3000 meter de hoogste berg van Sicilie en nog steeds actief. Het zou zelfs de actiefste vulkaan van Europa zijn, met in 2001 de laatste grote uitbarsting. Nog onlangs, op 10 mei jl, is er een kleine uitbarsting geweest met een lavafontein van 300 meter hoog. Vol ontzag staren we naar de enorme vulkaan, die de hele dag niet van onze zijde zal wijken. Aan de andere kant verdwijnt achter ons Capo dell'Armi, het puntje van de teen van Italie, uit het zicht. Dit is de Ionische Zee. De "wind" is West Bf 1 - 2. Enkele keren scheren vliegende vissen met een rotvaart langs. Ze zijn niet lang, maar zo'n 15 tot 20 centimeter. Om 12 uur passeren we het oude Taormina, met zijn mooie ankerbaaien. We zien nu dat de Etna ook rookt uit talrijke rotsspleten, ver onder de top waar de krater is. De Griekse filosoof Empedocles, zo wordt verteld, is rond het jaar 430 voor onze jaartelling in een vlaag van grootheidswaanzin in de krater van de Etna gesprongen. Hij dacht dat hij onsterfelijk was. Om 14 uur passeren we Riposto, een haven die bijna direct onder de vulkaan ligt. Opnieuw, net als bij de Vesuvius, begrijpen we niet waarom zoveel mensen het risico nemen en hier blijven wonen. We nemen aan dat ze niet denken onsterfelijk te zijn.

 

Verderop naderen we Acitrezza, een haventje waar we een kijkje nemen. Misschien kunnen we er overnachten. Voorzichtig, goed lettend op de dieptemeter, omcirkelen we een aantal grote rotsen van grijszwart basalt. Het zijn de zogenaamde Ciclopi. Homerus verhaalt hoe Odysseus en zijn mannen door de eenogige reus Polyphemos in een grot gevangen worden gehouden. Iedere dag eet de reus een aantal mannen op. Omdat Odysseus - die zich met de naam "Niemand" had voorgesteld - wijn had meegebracht, zou de reus hem als laatste opeten. De listige Odysseus voerde de reus dronken en met een gloeiende houten spies brandden de mannen het enige oog van Polyphemos uit. De woeste reus sprong naar de ingang van de grot en blokkeerde die, blind tastend naar wie voorbij zou durven kruipen. Odysseus en zijn mannen ontsnapten door zich onder de schapen van Polyphemos vast te binden, zodat hij hij hen niet voelde toen de schapen naar buiten gingen. Toen de reus merkte dat de Grieken weg waren, riep hij de andere reuzen en verklaarde "Niemand heeft mij dit aangedaan", terwijl hij grote rotsblokken achter de Grieken in zee wierp. Die rotsblokken, dat zijn de Ciclopi waar we langsvaren. De huidige aanblik is zeer vreedzaam, want overal op de rotsen zitten baders en zonaanbidders en er liggen tientallen bootjes omheen (zie foto hier) het schilderachtige haventje van Acitrezza blijkt bij binnenvaren helaas wanordelijk vol. Als we ook nog hoge stapels vuil op de kade zien liggen, maken we rechtsomkeert en varen voorzichtig om de Ciclopi heen verder naar het zuiden. Een uur later lopen we de grote haven van Catania binnen, met nog steeds de Etna in de verte, (foto hier) en worden gastvrij ontvangen bij de Circulo Nautico in de uiterste noorwesthoek. Terug naar boven