sailing-dulce.nl

Logboek 2008/2 (Corsica>Malta)

Reggio Calabria

Straat van Messina. Een grote bosbrand woedt boven de stad
Straat van Messina. Een grote bosbrand woedt boven de stad

Woensdag 13-08-2008

Vroeg op. Ik haal nog snel verse broodjes. Peter en zijn vrouw Mary van de Samen (uit Rotterdam) zijn er om afscheid te nemen. Bij de dieselsteiger nemen we brandstof in, ik houd de tank graag goed gevuld, je weet nooit. Om half elf is het NNW Bf 1. We motoren langs de kust en passeren het op de rotsen boven zee gelegen Tropea. Aan bakboord zien we over de blakke zee in de wazige verte het vulkaaneiland Stromboli, op een afstand van dertig mijl. Er komt een duidelijk rose gekleurd rookpluimpje uit. Daar liggen ook de Liparische eilanden, een groep beeldschone, vulkanische eilanden - en afgeladen vol met vakantiegangers in deze periode. Met enige spijt varen we verder naar het zuiden. Ik probeer Stromboli nog op de foto te zetten, maar later blijkt dat je er nauwelijks iets van ziet. Na één uur is het nog steeds NW Bf 1 en ontzettend warm. Blij dat we op zee zitten, hier is het nog uit te houden. We passeren Capo Vaticano. Er liggen wat venijnige rotspuntjes, die moeilijk te zien zijn want ze zijn van alle kanten omringd door bootjes met vissende en zwemmende Italianen (foto hier) Achter de kaap schuift Sicilië langzaam in het zicht. We steken de Golf van Goia over, de laatste golf voor de fameuze Straat van Messina. Om 14 uur komt er zowaar wat wind en kan de genua erbij. De zee heeft een prachtige, lichtblauwe kleur met allemaal zonneschitteringetjes op de golfjes. Er is nu meer scheepvaart. Aan stuurboord nader een containerschip, het is op weg naar de containerhaven Goia Tauro - een aanvankelijk volledig overbodige haven, gebouwd met Europees geld door de eerste regering van Berlusconi, met - zo wordt gefluisterd - grote betrokkenheid van de mafia, een haven die jarenlang leeg stond en spottend de Catedrale del Deserto werd genoemd. Tegenwoordig is er kennelijk toch enig bedrijf. Voor ons is de vraag belangrijk of we nog vóór het zeeschip langs kunnen, altijd even een spannende situatie. Maar het levert geen probleem op.

 

Langzamerhand krijgen we een knoopje stroom mee, zie ik op de GPS. We naderen de Straat (zie foto hier) De forse tijstroom in de Straat kun je beter niet tegen hebben. Hij wordt gerelateerd in een tabel aan het tij in de Straat van Gibraltar, maar die tabel heb ik niet bij me. (De noordgaande stroom begint 1 uur en 45 minuten voor HW Gibraltar) Het is dus een volledig gok welk tij we zullen aantreffen. Voor alle zekerheid koers ik op het haventje van Scilla (Scilla!) dat op de Calabrese oever ligt. Zit het tegen, dan lopen we daar binnen. Maar het zit niet tegen. De wind valt helemaal weg, we draaien de genua in. We zien aan stuurboord een achttal zeeschepen en twee jachten, die de Straat naderen of er juist uitvaren. Aan bakboord de steile, kale en zwaar geerodeerde bergen van Calabrië, doorsneden door de spectaculaire bruggen, viaducten en tunnels van een autostrada. Verderop komen de donkere berghellingen van Sicilie op ons toe, we zien er de rookkolommen van diverse bosbranden. In het midden, tussen de lage kapen van Punta Pezzo (links) en Capo Peloro (rechts) in, lijkt een hoge electriciteitsmast te staan. Maar hij staat echter verderop, op de uitgestrekte industrieterreinen van de stad Messina. Drie mijl voor het haventje van Scilla sturen we geleidelijk meer naar stuurboord, om de voorzichtig langs de Calabrese kustlijn de Straat in te varen en niet te hoeven oversteken. Zo willen we de haven van Reggio Calabria bereiken. Om half vijf is er nog maar weinig zeescheepvaart, de wind is NNW Bf 1. Dan worden we opeens gegrepen door de stroom.

 

Homeros' Odyssee maakt melding van het monster Scylla, een zeskoppige draak met lange, slurfachtige nekken, die jankend aan de kant zat bij de ingang van de Straat en zwaardvissen en dolfijnen uit het water sleurde en zeelieden van hun schepen. Aan de andere kant bulderde de Charybdis, een gigantische draaikolk die hele schepen opslokte:

 

"Driemaal,

van dageraad tot schemer, spuwt ze (...)

een wervelende maalstroom uit"

 

Het gejank van de Scylla horen we niet. Volgens de boeken zou het een slurpend geluid zijn, veroorzaakt door de deining die de grotten van de Calabrese kust inrolt. Maar Charybdis is geen fantasie! Op de zeekaart staat aan de Siciliaanse zijde, bij een toren (de Torre Faro) inderdaad een draaikolk aangegeven, met de tekst: "Charibdis. Strongest tidal stream"  De oorzaak van de tijstroom is ingewikkeld. In feite kent de hele Middellandse Zee, een aan beide kanten afgesloten bekken, geen tij. Zelfs in de Straat van Messina is het maximale niveauverschil tussen beide uiteinden niet meer dan 30 centimeter. Dat lijkt gering. Maar de uiterst geringe invloed van de aantrekkingskracht van de maan op de Med geeft, door de scheiding van de Italiaanse laarsvoet, een verschil in synchronisatie tussen de Tyrheense Zee  (in het noorden) en de Ionische Zee (in het zuiden), waardoor een voor de Med ongebruikelijke helling ontstaat in de flessenhals van de Straat. Het wordt verder gecompliceerd door verschillen in temperatuur en zoutgehalte tussen de beide zeeen en een bovenstroom en een tegengestelde onderstroom door de tamelijk diepe Straat. Dat alles veroorzaakt wervelingen en draaikolken en soms forse stromen.

 

Maar het valt wel mee. Met twee knopen stroom mee spoelen we de Straat in, die hier - op het nauwste punt - slechts 1,5 mijl breed is. We zien rafelingen, onverwachts vlakke stukken die omhoog lijken te borrelen, kolken en grillige golven. Het sist en schuimt om ons heen. Maar het is beslist niet erger dan wat we eerder meemaakten in bijvoorbeeld de Race of Alderney of de Pentland Firth. Het is bovendien al gauw voorbij. Veel zenuwachtiger worden we van alle veerponten die tussen beide oevers heen en weer schieten. We zien ook een typische zwaardvisboot (ik kom daar nog op terug) Vlak boven de stad Messina woedt een grote bosbrand, de enorme rookkolom staat als een dreigende reus boven de flatgebouwen en de Straat (zie foto boven en hier) Het is nog een mijltje of vijf naar de haven van Reggio Calabria. Daar ben je de Straat haast al weer uit.

Terug naar boven