sailing-dulce.nl

Logboek 2017/3 Zomer in Engeland

Gorinchem (18)

De Lingehaven vanmorgen om half twaalf.
De Lingehaven vanmorgen om half twaalf.

Woensdag 13-09-2017

David Deutsch over oneindigheid en de voortgaande vermeerdering van kennis, in 'The Beginning of Infinity' (Penguin, 2012). In de tijd dat hij zijn eerste boek schreef ('The Fabric of Reality', Allen Lane, 1997) was de versnelde uitdijing van het universum nog nét niet ontdekt. Dat gebeurde in 1998. Men dacht nog dat er drie mogelijkheden waren: het universum dijt alsmaar verder uit en koelt af tot aan 'de hittedood van het heelal', het universum krimpt op zeker tijdstip weer in ('The Big Crunch') of het is juist stabiel en bestaat voor eeuwig. In scenario 2, de her-instorting, zou voortgaande kennisvermeerdering eveneens tot een einde komen. De kosmoloog Frank Tipler bewees dat het in dergelijke universa toch mogelijk blijft met een soort sneller-dan-sneller truc, gebruik makend van de Schidpadparadox van Zeno: iedere afstand in ruimte-tijd is oneindig deelbaar. Hij noemde die universa 'omega-point universa'.

     Sinds de ontdekking van 1998 weten we dat ons universum sinds 5 miljard jaar versneld uitdijt. Waardoor is onbekend; iets is sterker geworden dan de zwaartekracht van Einstein, die voordien het heelal bijeen hield. Men noemt het donkere energie, een 'kracht' die alleen op de grootst mogelijke schaal zou werken, want op kleiner schaal (bijvoorbeeld sterren- en melkwegstelsels) kromt de zwaartekracht de ruimte-tijd wel en trekt lokaal materie naar elkaar toe. Het universum is in alle richitngen oneindig. Kennis kan zich dus ook oneindig vermeerderen.

     Tot zover kan ik het volgen, maar dan schrijft Deutsch iets dat ik niet snap (pagina 451). Omdat het heelal een eindige tijd geleden begon (met de Oerknal) en omdat niets sneller kan reizen dan het licht, 'we shall only ever see a finite portion of infinite space - but that portion will continue to grow for ever'. Met de lichtsnelheid komen steeds meer gebieden in zicht - het zichtbare heelal wordt steeds groter. Als de zichtbare kosmos een miljoen keer groter is dan nu, dan kunnen we zeldzame fenomen zien die maar een kans van gebeuren hebben van één op de miljoen. Dat betekent dat alles dat fysisch mogelijk is op zeker tijdstip zichtbaar wordt. Dus bijvoorbeeld ook het spontaan ontstaan van een asteroïde die op Geert Wilders lijkt, of een aap die de Mona Lisa schildert. Omdat het heelal oneindig is, zal het zichtbare heelal ook oneindig worden - en er desondanks deel van uitmaken. Dat leidt tot een beroemd wiskundig probleem: het bestaan van verschillende oneindigheden (de Continuümhypothese). In de Multiversumtheorie kunnen verschillende universa eindig zijn, maar is het multiversum zelf oneindig. Er is echter iets anders.

      Naar ik heb begrepen dijt het universum onder invloed van de donkere energie sneller uit dan het licht. Dat komt omdat de uitdijing van ruimte-tijd zélf niet onderhevig is aan de beperking tot de lichtsnelheid er binnen. Het kan niet anders betekenen, zou ik zeggen, dan dat andere melkwegstelsel en de grens van ruimte-tijd steeds verder van ons af komen te liggen. Steeds meer delen van het heelal raken uit ons zicht. Tenslotte zien we onze kosmische naburen, de Magelhaense Wolken, niet meer. We zijn alleen met onze Melkweg. En nog veel later is alleen ons zonnestelsel nog te zien. De nachthemel is vrijwel egaal zwart. (Je vraagt je af hoever dat doorgaat). Het onzichtbare deel van het universum moge zich dan 'steeds oneindiger' uitstrekken, ons zichtbaar deel wordt steeds kleiner. En...er is geen oneindige vermeerdering van kennis. Maar misschien mag je beide snelheden, die van de uitdijing en die van de fotonen van het licht, niet van elkaar aftrekken. Ik vermoed dat de uitdijing van ruimte-tijd als het ware de lichtfotonen met zich 'meesleept' terwijl hun snelheid binnen ruimte-tijd hetzelfde blijft. Dan is oneindige vermeerdering van kennis wel mogelijk.

     Deutsch noemt zelf nog een ander bezwaar. Als de ruimte-tijd uitdijt, raakt alle materie steeds verder uit elkaar en worden de aanwezige fotonen over een steeds groter gebied verspreid. Verdund, als het ware. Dat brengt met zich mee dat je steeds sterkere telescopen nodig hebt om ze op enige afstand te kunnen ontdekken. Misschien is er een limiet aan de sterkte van telescopen en dus aan de afstand waarop je iets kunt waarnemen. En dus een limiet aan kennis. Maar....het peinzen houdt nooit op.

 

Vannacht enkele regenbuien. Vanmorgen steekt de eerste herfststorm op. Om tien uur waait het flink. De grote es op de Altenawal schudt en slingert zijn takken heen en weer. Aan de haven verliezen de bomen hun dood hout. Ik loop naar de Appeldijk met de wind in de rug voor een bestuursvergadering van de Gorcumse Poëzieroute. We hebben van de Gemeente Gorinchem € 5.000 subsidie ontvangen, verspreid over vijf jaren, voor het onderhoud. Alle hulde, want het is hoognodig. Binnenkort zullen diverse gedichten hersteld worden.

      Middag. De storm veroorzaakte de gebruikelijke omgewaaide bomen en gekantelde vrachtwagens. In Almere woei een zwaan door het raam van een school. Enzovoorts. Van de Werkendamse Warmtecentrale komt iemand naar de CV-installatie kijken. Een van de verdeelbuizen (met slangen naar de diverse radiatoren) moet vervangen worden. Die moet besteld worden. Verder staat de gaskraan dicht en dat veroorzaakt storingscode 6A. Stom, had ik niet gezien. We hebben dus weer warm water en verwarming (nog niet nodig). Ondertussen komt Tessa met haar beide dochters op de thee. De kleine Lina-Mae kijkt sinds onze terugkeer met grote verbazing naar me, dus ik neem enige ditstantie in acht.

 

De Russen beginnen militaire oefeningen in Wit-Rusland. Niet op grote schaal (12.700 man). Er doen ook troepen uit de enclave Kaliningrad mee. De NAVO volgt het met interesse, met name hoe de Russen omgaan met de zwakke plek in de NAVO-verdediging, de Suwalki gapTerug naar boven